Het begrip fiscaal partner is belangrijk bij de heffing van de inkomstenbelasting.
In de aangifte kan men bepaalde inkomsten en aftrekposten
naar eigen inzicht verdelen tussen de belastingplichtige en zijn/haar fiscale partner
om te komen tot een optimaal gezamenlijk resultaat.
Er is sprake van fiscaal partnerschap in de inkomstenbelasting:
– bij huwelijk of geregistreerd partnerschap;
– bij ongehuwd samenwoning met notarieel samenlevingscontract
en inschrijving op hetzelfde adres in de gemeentelijke basisadministratie;
– bij het samen hebben van een kind;
– bij erkenning van een kind van de levenspartner;
– bij het samen hebben van een pensioenregeling;
– bij het samen hebben van een eigen woning als hoofdverblijf;
– als de partners beiden meerderjarig zijn en op het adres ook tenminste één minder-
jarig kind van een van beiden staat ingeschreven. ( het samengestelde gezin);
Het is dus niet zo dat men kan kiezen voor het fiscaal partnerschap. Er is sprake van
fiscaal partnerschap op basis van wettelijke regels.
Men kan maar één fiscaal partner tegelijk hebben. Het is wel mogelijk om in een kalenderjaar
meerdere partners na elkaar te hebben.
In principe is het fiscaal het meest voordelig om de kosten bij de meest verdienende partner
(hoogste schijf van 52 %) en de inkomsten bij de minst verdienende partner (laagste schijf van 36,5%) onder te brengen.
Het eerste geldt voor het saldo Eigen Woning , uitgaven Specifieke Zorgkosten, uitgaven Partner Alimentatie, Studie- en scholingskosten en Giften.
Het tweede geldt voor voordeel uit Aanmerkelijk Belang (box 2) en grondslag voor sparen en beleggen (box 3).
Als men niet meer aan de genoemde voorwaarden voldoet ofwel er is een verzoek tot echtscheiding of scheiding van tafel en bed in combinatie met uitschrijving op hetzelfde adres van de gemeentelijk basisadministratie dan is het fiscaal partnerschap afgelopen. Een echtscheiding hoeft dus nog niet
een feit te zijn.